Portret Tatiana Julien

Gepubliceerd op 1/19/26 door Olivier Tirmarche
Portret
Pratique-geante

Tatiana Julien: Het vuur brandend houden, een politiek van het lichaam en het collectief

En Fanfaaare ! — erbij zijn

In haar voorstelling En Fanfaaare !, gecreëerd in 2025 en gepresenteerd (onder andere) als onderdeel van het Emerge-project in Théâtre du Beauvaisis en kunstencentrum BUDA (NEXT Festival), verschijnt Tatiana Julien op het podium, noch in het midden, noch boven de anderen, noch in een leidende positie. Toch zoekt het kritische oog haar op. Omdat zij de choreografe is, degene die het stuk heeft gemaakt, degene naar wie men uitkijkt, naar de manier waarop zij zich in de groep bevindt. Deze spanning – tussen aanwezig zijn en afstand houden, autoriteit en horizontaliteit – loopt als een rode draad door het hele werk.

“Als men weet dat ik de choreografe ben, is de blik van de kijker natuurlijkerwijze gericht op het vinden van mijn positie”, merkt ze op. En Fanfaaare ! onthult precies deze verschuiving: een uiterst precieze choreografische schrijfstijl, gedragen door een collectief dat bijna autonoom lijkt, waar de choreograaf ervoor koos om laat en op kousenvoeten toe te treden. Erbij zijn zonder aan het roer te staan. Zichtbaar zijn zonder de centrale figuur te spelen. Een gebaar dat getuigt van een diepe politieke opvatting rond creatie.

Negen of tien dansers leiden terwijl je zelf op het podium staat, is vaak een uiting van macht. Hier is het tegenovergestelde het geval. Het stuk is niet gestructureerd rond de aanwezigheid van Tatiana Julien, maar rond een lang en veeleisend proces van overdracht, gebaseerd op gedeelde ervaringen. "Mijn benadering van dit stuk draaide vooral om ervaring, om overdracht, om collectieve oefening door middel van lange improvisaties die ik leid waarin ik dingen benoem om ze te kristalliseren," legt ze uit.

En Fanfaaare ! is ontstaan tijdens een uitgebreid laboratorium in het Maison de la Culture in Amiens waar de performers niet werden gecast op basis van hun profiel, maar eerder op hun vermogen om zich een bepaalde praktijk eigen te maken. "Ik leg geen vorm op, maar biedt een manier om tijd, de groep en intensiteit te ervaren." Deze praktijk doorkruist de individualiteit en transformeert zich daarin, totdat er een collectieve schrijfstijl ontstaat waarin elk lichaam zijn eigenheid behoudt.

Dit proces houdt een duidelijke omkering in: Tatiana Julien blijft lange tijd aan de rand van de voorstelling. "Ik ben pas ongeveer een week voor de première bij het stuk betrokken geraakt. Ik moest erbuiten blijven zodat de groep zelfredzaam kon worden." Ze observeert, stuurt en begeleidt, maar zonder de verwachte gezagspositie in te nemen. "Ze hadden mij niet nodig om het stuk te laten bestaan. Het was juist ík die er moest zijn."

Wanneer ze eindelijk het podium betreedt, is dat niet om te controleren of te dirigeren. Haar aanwezigheid richt het stuk niet op zichzelf, maar onthult een noodzakelijk punt. “Als ik het zou doen, moest het iets toevoegen dat ik niet kon overbrengen.” Haar plaats is noch symbolisch, noch hiërarchisch: ze is gelokaliseerd, belichaamd, onmisbaar op bepaalde momenten, net als de andere aanwezigen die deel uitmaken van het collectief.

Stille begeleiders

In En Fanfaaare! nodigt Tatiana Julien een tiental toeschouwers uit om het podium te betreden en de voorstelling van binnenuit te beleven. Deze vrijwilligers worden uitgenodigd via een brief waarin de voorgestelde ervaring wordt beschreven, en worden vlak voor de voorstelling verwelkomd met een moment van uitwisseling en vertrouwensopbouw. Er ontstaat dan een kader, zonder dat dit zich sluit, waardoor er ruimte blijft voor wat zich kan voordoen.

Ze spelen niet, maar worden soms uitgenodigd en begeleid door de performers. Hun aanwezigheid is stil, soms een beetje onwennig. Ze zijn er, in wrijving met ons, als overbruggers.

Deze geste verandert de perceptie van het toneel ingrijpend. Het podium is niet langer een ruimte voorbehouden aan getrainde, virtuoze of performante lichamen. Het wordt een gedeelde ruimte, bevolkt door heterogene aanwezigheden, waarvan sommige geen specifieke functie of rol hebben. De frontaliteit wordt verstoord: de blik gaat heen en weer tussen de dansers en deze gewone lichamen, die op een andere manier worden blootgesteld, zonder fictieve bescherming.

Deze mensen op het podium vertegenwoordigen geen vaststaand geheel. Ze vertegenwoordigen noch het publiek, noch een geïdealiseerde gemeenschap. Ze worden niet in een situatie geplaatst waarin ze vrij kunnen handelen, maar eerder om er naast elkaar te bestaan. Hun aanwezigheid introduceert een nieuwe kwetsbaarheid: die van een podium dat het onvoorspelbare, het ongemak, de doodtijd, de zwevende aandacht accepteert. Het podium is niet langer een uitzonderlijke ruimte; het wordt een bewoonde plek waarvan we de gebreken kunnen observeren.

Deze verschuiving zet aan tot een gevoelige reflectie over het begrip collectief. Samen zijn betekent niet perse hetzelfde doen. In En Fanfaaare ! dansen sommige lichamen, andere kijken toe, weer andere worden bekeken zonder iets te produceren, en dan zijn er nog wij, het publiek, in een spel van spiegels en empathie, dat volledig bestaat in het werk dat zich ontvouwt. Dit samenleven bouwt een veranderlijke identiteit van de groepen op, waarbij de waarde niet gekoppeld is aan de actie, maar aan de aanwezigheid.

Kwetsbare gastvrijheid

Het uitnodigen van toeschouwers op het podium brengt echter ook een zeker risico met zich mee. De impliciete belofte van horizontaliteit – iedereen op hetzelfde podium – kan zeer reële asymmetrieën verhullen. De artiesten weten wat ze moeten doen, wanneer en hoe. De toeschouwers worden echter blootgesteld aan een collectieve blik zonder gebruiksaanwijzing.

Deze blootstelling kan ongemak of zelfs stil verzet oproepen. Op het podium staan zonder rol, zonder dramaturgische bescherming, is niet vanzelfsprekend. In En Fanfaaare ! wordt echter niet geprobeerd om deze kwetsbaarheid weg te nemen of te instrumentaliseren, maar wordt er juist zorgvuldig mee omgegaan.

Tatiana Julien beschouwt deze onduidelijke zone als een integraal onderdeel van het geheel: een gastvrijheid die het risico niet wegneemt, maar juist zichtbaar maakt. In die zin functioneert de aanwezigheid van het publiek op het podium niet als een consensueel symbool van ‘samenleven’. Het werkt eerder als een discrete beproeving, waarbij het erom gaat te accepteren dat je daar bent – zichtbaar, kwetsbaar. Een collectieve ervaring op menselijke schaal, bestaande uit aanpassingen, stiltes en onopgeloste spanningen, die wij, als onbeweeglijke toeschouwers, met veel plezier ervaren.

Een nachtelijk heden

Ondanks de titel is En Fanfaaare! geen triomfantelijk stuk. Het is nachtelijk, gefragmenteerd, doordrongen van schaduwzones. Het vordert in blokken, in opeenvolgende flitsen, als een reis door innerlijke werelden. We ontmoeten er monsterlijke figuren, nachtmerrieachtige toestanden, archaïsche verschijningen.

Voor Tatiana Julien gaat het stuk niet over de toekomst. Het gaat over het heden. Over een onstabiel heden, getekend door individuele en collectieve trauma's. De ‘schokken’ die door het stuk gaan, zijn niet zomaar uitbarstingen: ze kunnen verborgen herinneringen, diepe spanningen of beelden van vandaag de dag oproepen. En Fanfaaare ! probeert niet gerust te stellen, maar wil een intensiteit van aanwezigheid behouden die onmisbaar is om de aanvallen van de wereld te weerstaan.

Wat ondanks alles overblijft, is een poging: samen zijn. Voor elkaar zorgen. Accepteren dat de ander je raakt. Het script is gebaseerd op een principe van voortdurende rimpeling: acties, gebaren en gemoedstoestanden gaan van het ene lichaam naar het andere. Niets staat op zichzelf. Alles staat in verband met elkaar.

Kunst en engagement: een beleid van vormen

De politieke dimensie van het werk van Tatiana Julien ligt niet in een frontale discours of spectaculair activisme. Ze komt tot uiting in de vormen, de middelen, de omstandigheden zelf van het creatieve proces. In de manier waarop ze nadenkt over toegang, uitwisseling, de relatie met het publiek.

Na jarenlang onderzoek stelt Tatiana Julien de toestand van culturele instellingen ter discussie: wat blijft er vandaag de dag over van de erfenis van decentralisatie en culturele democratisering? In een context van terugtrekking van de overheid en economische druk worden openbare theaters soms vermaaksmachines. Waar ligt dan het vermogen van kunst om weerstand te bieden, om het bewustzijn te prikkelen?

Voor haar beperkt artistiek engagement zich niet tot het podium. Het komt ook tot uiting in randprojecten, zoals La Cité (éphémère) de la danse, ontwikkeld in Amiens: een ruimte waar praktijken, performances, workshops en hybride vormen elkaar kruisen en die de deuren van de creatie openen voor een breder publiek. Toegang geven tot wat er tussen kunstenaars wordt gecreëerd – “tussen ons” – wordt een politieke daad op zich.

Feminisme in de praktijk

Feminisme loopt als een rode draad door het werk van Tatiana, zonder ooit te vervallen in slogans. Het komt op verschillende niveaus tot uiting: in de samenstelling van het collectief, in de gedeconstrueerde verhalen, in de figuren die worden opgeroepen, in haar aandacht voor het ecosysteem om haar heen, dat van de cultuur. Tatiana Julien weigert feminisme als label; ze maakt er meer een kritische praktijk van.

Het stuk En Fanfaaare ! is gebaseerd op de figuur van de Koningin van de Nacht uit Mozarts Die Zauberflöte – een opera vol vrijmetselaarssymbolen, geschreven en verteld vanuit een mannelijk perspectief. In dit verhaal wordt de Koningin gereduceerd tot een giftige moeder, een heks, een gevaarlijke macht. En Fanfaaare ! verdraait deze figuur. De zang, oorspronkelijk voorbehouden aan een soliste, wordt gefragmenteerd en herverdeeld over tien stemmen. De macht wordt gedeeld, het gezag gebroken.

De figuur van de monsterlijke moeder, centraal in het stuk, wordt niet veroordeeld noch vrijgesproken. Ze wordt in vraag gesteld. Tatiana Julien legt hiermee al de basis voor haar toekomstige onderzoek rond moederschap, het monster, seksualiteit en minderwaardige lichamen: haar nieuwe creatie Monster Mother wordt ondersteund in het kader van het project Emerge (2024-2028). Waar de dominante verhalen vereenvoudigen, opent zij onduidelijke gebieden.

Een biografie tussen de regels door

Tatiana Julien spreekt weinig over haar persoonlijke geschiedenis. Toch heeft die een grote invloed op haar werk. Ze komt uit een milieu dat ver van de kunstwereld afstaat en benadrukt het belang van de culturele openbare dienstverlening in haar loopbaan. Kunst, zegt ze, was voor haar een weg naar emancipatie, bijna een levensnoodzaak.

Deze biografie wordt nooit expliciet verteld. Ze wordt gedistilleerd, verplaatst, omgezet in symbolisch materiaal. Deze keuze is geen weigering, maar een voorzorgsmaatregel: hoe kun je iets zeggen zonder jezelf zo bloot te geven dat je kwetsbaar wordt? Hoe kun je het intieme en het politieke met elkaar verbinden zonder je te laten opslokken door het verhaal over jezelf?

Werelden in plaats van modellen

De referenties van Tatiana Julien vormen geen lineaire reeks. Ze duiken op in periodes, door obsessies, door ontmoetingen. Film, muziek, dans, cabaret, performatieve scènes buiten instellingen: het zijn werelden die ze doorkruist, meer dan modellen om te imiteren.

Haar werk evolueert, soms als reactie op haar eigen vroegere periodes. Ze beschouwt deze instabiliteit als een kracht: zichzelf niet herhalen, een esthetiek niet vastleggen, in beweging blijven. En Fanfaaare ! is dan ook een scharnierstuk, tegelijkertijd zeer abstract en diep belichaamd.

In dit landschap streeft Tatiana Julien niet naar de houding van een genie of naar de centrale positie van de macht. Ze gaat vooruit met haar medewerkers, in een gemeenschappelijke, veranderlijke, fragiele logica. Ze belooft niets. Ze houdt een vuur brandend – naar het voorbeeld van Jack London, en misschien ligt daar wel haar meest intrigerende politieke daad.

Pratique geante 2

© Mathilde Delahaye

Interview door Olivier Tirmarche, als onderdeel van Emerge, 06.01.2026